lachend vroeg de jongedame
of ik haar en d’r gracieuze vriendin
niet wou kieken,
vlakbij de plaats waar 65 jaar her
misschien, op eenzelfde zomerdag
miezerig was het niet, wel smoorheet
een man, die geen gehoor gaf aan een bevel
die zich verzette of gewoon een gijzelaar
neergekogeld werd door een rot soldaten
en toch was dit nog genadig
want even verder
was de plaats waar je mens meer was
waar je met honderen in een ruimte werd gejaagd
…
we weten het niet echt, begrijpen dat het werkte
dat het doel werd bereikt
dat ze stierven en verdwenen
wie? Zeg mij wie ze daar binnen dreven
namen graag, een beeld, ja een foto van die
man die droomde zich als schilder
aan de schoonheid te wijden
die goudsmid of die zakkendrager uit Lodz
zeg mij? Wie waren zij, elk van hen?
U zwijgt, u weet het niet, weet niet wie zij waren
Nu, ook ik weet het niet, maar over hen
durf ik wel eens te mijmeren
probeer ik te weten welke werelden
ons nooit meer bereiken zouden
en de angst dat iemand op de idee zou komen
dat mensen zus of zo, raciaal of qua gezindte
moeten verdwijnen
want de nieuwe wereld moet er komen
de nieuwe wereld, eeuwige vrede
kan er maar komen
laten we dus zwijgen, maar tegelijk
aan de deze wereld, deze tijd
iets van de schoonheid geven
die daar vernietigd werd
“Nach Auschwitz ein gedicht zu schreiben ist barbarisch”- deze uitspraak deed Theodor Adorno in een tekst uit 1949: “Kulturkritik und Gesellschaft”. “Oorspronkelijk bedoeld voor een Festschrift, werd de tekst apart gepubliceerd in 1951 en in 1955 opgenomen in “Prismen”, het eerste boek van Adorno dat in grote oplage als pocket verscheen en dat hem in West-Duitsland definitief canoniseerde als vooraanstaand filosoof en cultuurcriticus.” - [Buelens, Geert. Oneigenlijk gebruik. Uitgeverij Vantilt, 2008, p 191-192]
Inderdaad, maar ooit had ik een college waarin over Bettelheim gesproken werd en ook die vond dat er een probleem mee was. Nu, misschien heb ik met Adorno een probleem in die zin dat hij bepaalde uitlatingen doet over cultuur zeer pessimsistisch was. Bij Thomas, in Doktor Faustus komen heel wat van die gedachten ook aan de orde en Mann had toen, in Pallisades, Californië goede contacten met Adorno.
Blijft de vraag of men de barbaarsheid van het Nazisme niet laat zegevieren als men zichzelf niet opnieuw tot beschaafde levensvormen zou wenden en de ars poetica maakt daar deel van uit.
Mag ik eindigen met een gedicht (ter nagedachtenis van..):
Oswiecim (Auschwitz)
Stil,
zoals de tijd verglijdt
en in het groeien
van de bladeren
- hier mistig groen -
zo is het ademloze land
bedolven onder
schraalte, horizont en grauw,
waar pijn en leed
in schaduwen vergaderen
en als de waarheid
in gesnoerde mond
dan eindelijk sterven zal,
zal ook het zwijgen
en het kruipen
van de spoorlijn
naar oneindig-samen,
worden uitgegomd
29/01/2009 om 12:45
Was het niet Bruno Bettelheim die deze gedachte het eerst in het publiek ventileerde? Dit kan men geen cliché noemen, hoogstens een idée reçue, waarmee men verder niet veel kan aanvangen.
Sinds de psalmen, die men aan David toe pleegt te schrijven, sinds de Ilias en Odyssea hebben dichters zich vaak gedwongen gevoeld om het aangerichte leed te bezingen en er betekenis aan te geven. Het zou dus maar vreemd zijn dat ook de oorlog, het nazisme en de barbaarse opzet mensen, een volk te vernietigen niet tot nieuwe lyriek aanleiding zouden geven.
Het ware vooral een toegeving geweest aan de barbaarsheid, de opzet van de nazi’s mensen gelijk te schakelen, dat men hiertegen niet aan de (allerindividueelste) impressies de eigen expressie te geven. Het ontstellende van Auswitch was, toen ik het bezocht dat het niet een sanctuarium leek van dat ongekende maar onuitwisbare leed, wel een te bezoeken plaats, waar mensen zich lieten fotograferen. Dat schokte mij, want uiteindelijk is het een plaats die men zo ook wel zal meedragen:
lachend vroeg de jongedame
of ik haar en d’r gracieuze vriendin
niet wou kieken,
vlakbij de plaats waar 65 jaar her
misschien, op eenzelfde zomerdag
miezerig was het niet, wel smoorheet
een man, die geen gehoor gaf aan een bevel
die zich verzette of gewoon een gijzelaar
neergekogeld werd door een rot soldaten
en toch was dit nog genadig
want even verder
was de plaats waar je mens meer was
waar je met honderen in een ruimte werd gejaagd
…
we weten het niet echt, begrijpen dat het werkte
dat het doel werd bereikt
dat ze stierven en verdwenen
wie? Zeg mij wie ze daar binnen dreven
namen graag, een beeld, ja een foto van die
man die droomde zich als schilder
aan de schoonheid te wijden
die goudsmid of die zakkendrager uit Lodz
zeg mij? Wie waren zij, elk van hen?
U zwijgt, u weet het niet, weet niet wie zij waren
Nu, ook ik weet het niet, maar over hen
durf ik wel eens te mijmeren
probeer ik te weten welke werelden
ons nooit meer bereiken zouden
en de angst dat iemand op de idee zou komen
dat mensen zus of zo, raciaal of qua gezindte
moeten verdwijnen
want de nieuwe wereld moet er komen
de nieuwe wereld, eeuwige vrede
kan er maar komen
laten we dus zwijgen, maar tegelijk
aan de deze wereld, deze tijd
iets van de schoonheid geven
die daar vernietigd werd
29/01/2009 om 13:16
Theodor Adorno, dacht ik. Later kwam hij hier volgens mij wel enigszins op terug.
Zie ook: http://plato.stanford.edu/entries/adorno/#2
29/01/2009 om 13:20
“Nach Auschwitz ein gedicht zu schreiben ist barbarisch”- deze uitspraak deed Theodor Adorno in een tekst uit 1949: “Kulturkritik und Gesellschaft”. “Oorspronkelijk bedoeld voor een Festschrift, werd de tekst apart gepubliceerd in 1951 en in 1955 opgenomen in “Prismen”, het eerste boek van Adorno dat in grote oplage als pocket verscheen en dat hem in West-Duitsland definitief canoniseerde als vooraanstaand filosoof en cultuurcriticus.” - [Buelens, Geert. Oneigenlijk gebruik. Uitgeverij Vantilt, 2008, p 191-192]
29/01/2009 om 13:59
Inderdaad, maar ooit had ik een college waarin over Bettelheim gesproken werd en ook die vond dat er een probleem mee was. Nu, misschien heb ik met Adorno een probleem in die zin dat hij bepaalde uitlatingen doet over cultuur zeer pessimsistisch was. Bij Thomas, in Doktor Faustus komen heel wat van die gedachten ook aan de orde en Mann had toen, in Pallisades, Californië goede contacten met Adorno.
Blijft de vraag of men de barbaarsheid van het Nazisme niet laat zegevieren als men zichzelf niet opnieuw tot beschaafde levensvormen zou wenden en de ars poetica maakt daar deel van uit.
03/02/2009 om 17:55
Wie zal er getuigen van deze verschrikking na het overlijden van alle overlevenden en hun nabestaanden? Is het zo ongewoon dat men over datgene schrijft vaarvan velen zo clichématig zeggen: “Laat ons hopen dat het nooit meer gebeurt”. Een reactie die je vandaag de dag wel vaker hoort als mensen geconfronteerd worden met om het even welke domheid van de mensheid: sla de nieuwsberichten van elke dag er maar eens om na.
Mag ik eindigen met een gedicht (ter nagedachtenis van..):
Oswiecim (Auschwitz)
Stil,
zoals de tijd verglijdt
en in het groeien
van de bladeren
- hier mistig groen -
zo is het ademloze land
bedolven onder
schraalte, horizont en grauw,
waar pijn en leed
in schaduwen vergaderen
en als de waarheid
in gesnoerde mond
dan eindelijk sterven zal,
zal ook het zwijgen
en het kruipen
van de spoorlijn
naar oneindig-samen,
worden uitgegomd
en stil,
zoals de tijd verglijdt.
Eric Vandenwyngaerden