[Axel Daeseleire signeert dichtbundel, De Rode Loper]
Een BV die we kennen als acteur, vaak getypecast in machorollen - als de échte man, de vlotte jongen, de anti-nerd, als het ware. Dan blijkt plots dat deze stoere Adonis gedichten schrijft. Maar hij doet dat niet op papier, dat is te gemakkelijk. Nee, hij beitelt, hakt, graveert, kerft en schildert woorden op doek, in zand, op steen, op glas op zink. Uiteindelijk bekeert onze macho zich tot de pen en verschijnt zijn eerste papieren dichtbundel, “Nachtdier”.
Mensen als Axel Daeseleire hebben het als dichter moeilijk en makkelijk tegelijk. Wordt hij ernstig genomen en voor vol aanzien door de “echte” dichters? Kan hij aan de verwachtingen voldoen? Anderzijds krijgt hij meer publiciteit voor zijn dichtbundel dan de hele Vlaamse dichterswereld tezamen. Want welke andere dichter krijgt bij zijn debuut een reportage in De Rode Loper?


